
DNA is een vreemd ding. Het is net een spiraal die terugdraait in de tijd. Met daarop tal van verhalen.
Sommige verhalen zijn al ontdekt. Anderen liggen daar nog wel een poosje onopgemerkt. Of zijn te ver weggestopt of te klein om te zien, te onbeduidend. Of te schrijnend, te pijnlijk om te vertellen. Dat kan natuurlijk ook.
Elke familie kent wel zulke verhalen. Die van mij ook. En daar zitten wel wat wonderlijke verhalen tussen.
Ik weet bijvoorbeeld niet wie mijn betovergrootvader is. Ik stam rechtstreeks af van een onwettig kind. Een overgrootmoeder van me verdronk hartje winter in een waterput. Nooit werd duidelijk of ze een zetje kreeg, of dat ze er zelf een eind aan maakte.
In mijn familie komen wat schoolmeesters en dominees voor. Vooraanstaand, zou je denken. Maar die schoolmeesters waren zo arm als kerkratten en moesten smeken om een salarisverhoging.
En dan is er daar nog mijn oma, van vaderskant. Ik kende haar niet anders dan klein, breekbaar en, op het laatst, dementerend en heel erg ziek. Toch was ze nauw verwant met een clanhoofd uit Schotland die zij aan zij met William Wallace tegen de Engelsen streed. William Wallace ja, ook wel bekend als Braveheart.
Geschiedenis herhaalt zich, zeggen ze. Er zit een echte archivaris in mijn stamboom die daar zijn leven lang studie van heeft gemaakt. Maar ook hij kon het raadsel van mijn voorvader niet oplossen. Hij vond wel de inhoud van de boekenkast van voorvader Dominicus, in een inboedelbeschrijving.
En toen waren we opeens patriotten. Ook weer zo’n verhaal.
De komende tijd vertel ik er hier wat meer over.